47 Gedachten als je je kind moet ophalen van de peuterspeelzaal

47 Gedachten als je je kind moet ophalen van de peuterspeelzaal

door Caroline

Na het succes van 51 Gedachten als je je kind naar de peuterspeelzaal moet brengen en 34 Gedachten als je kind ineens naar de peuterspeelzaal gaat en jij vrije tijd krijgt, is hier het slotartikel in de peuterspeelzaalgedachtenreeks (mooi woord voor Scrabble): 47 gedachten als je je kind moet ophalen van de peuterspeelzaal.

  1. Zou hij het leuk hebben gehad? Hij was nogal verdrietig toen ik wegging vanochtend. Straks heeft hij het vreselijk gehad.
  2. Ze hadden vast gebeld als hij het vreselijk had en ontroostbaar was.
  3. Jammer dat hij thuis direct nog een dutje moet doen. Anders hadden we koekjes gebakken. Of een film gekeken. Of gewoon lekker geknuffeld.
  4. Ik hoor gehuil. Oh jee!
  5. Het is vast de mijne, hij is al sinds vanochtend ontroostbaar. Waarom hebben ze niet gebeld?
  6. Vals alarm, niet de mijne.
  7. Waar is de mijne, eigenlijk?
  8. Oh, gevonden.
  9. Waarom kijkt hij me nou aan alsof hij water ziet branden?
  10. Is hij vergeten dat ik zijn moeder ben?
  11. Kondigde de leidster nu aan aan mijn zoon dat zijn mama er weer is?
  12. Hij kijkt me aan alsof hij me niet kent. Ongelooflijk.
  13. Ik moet hem niet meer laten gaan! Dit is niet goed voor zijn ontwikkeling. Hij is vergeten wie ik b-
  14. Gelukkig! Hij herkent me!
  15. Waarom komt hij niet op me afrennen?
  16. Hallo, ik wil aandacht! Mama heeft je gemist.
  17. Hallo?
  18. Hallo! Kom uit dat keukentje. Houd op met stomme nepthee maken.
  19. Ja, prachtige auto schat. Die heb je thuis ook.
  20. Ja, hele mooie kikker. Laat maar liggen, die kikker woont hier.
  21. Had jij bah gedaan? Nou, wat fijn dat ik daar thuis niet mee opgezadeld zit.
  22. Kom, we gaan naar huis. Jas aan. Huppakee.
  23. Nee, niet eerst nog 10 kopjes thee maken voor de leidsters, voor kind 1 tot en met 6 en al helemaal niet voor mama. Mama wil naar huis. En jij moet naar bed.
  24. Begin je nou te huilen?
  25. Ja, hij begint te huilen. Fijn.
  26. Vanochtend wilde je hier niet blijven en nu wil je niet weg! Make up your mind!
  27. Het maakt me niet uit dat je twee bent. Je bent ondankbaar.
  28. Nee, grapje schat. Kom. Jas aan. Heel goed.
  29. Moet mama je dragen?
  30. Nee? Je wilt lopen? Tuurlijk, nu wel.
  31. Oh, je wil zelfs omlopen. Waarom?
  32. Verstoppertje spelen? Weet je wat, mama gaat hier wel op de grond zitten. Haal me maar op als je klaar bent met rennen.
  33. Zal mama je dragen?
  34. Nee, schat. Als je die kant op rent, ren je terug naar de peuterspeelzaal. Wij gaan naar huis. Huis. Waar je vanochtend niet weg wilde.
  35. Kijk, alle andere kindjes gaan wel braaf mee met hun mama’s.
  36. Die moeders zijn slimmer, die komen met de fiets.
  37. Het is dat ik op een bult woon, anders was ik ook op de fiets gegaan.
  38. Oh, fuck dit. Mama wil naar huis. Niet rondjes rennen.
  39. Weet je, lieverd, je mag thuis een glas chocomel.
  40. Ja, echt waar.
  41. Heb ik eigenlijk nog chocomel?
  42. Laten we hopen dat het niet op is.
  43. Kom. We hadden al zes keer thuis kunnen zijn.
  44. Wil je op mama’s nek?
  45. Gelukkig. Dan komen we nog ergens.
  46. Als we thuis zijn, krijg je je chocomel en ga je het bed in.
  47. Dan kan mama ook een dutje doen.

auteursavatarCaroline (uitgesproken als Keroolajn, op zijn Engels dus) is begin dertig en alweer een tijdje getrouwd met Jop. In september 2016 werd ze moeder van het meest prachtige kereltje dat de eerste maanden op deze aarde als een soort zeester lag te wapperen voor aandacht.
Lees meer van en over Caroline »
Back to Top